Uitspraak
1.De inhoud van de tenlastelegging
2.Overwegingen ten aanzien van het bewijs
9.De beslissing
teruggavevan het in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerp aan [verdachte] , te weten: een geldbedrag van € 16.170,-.
Rechtbank Gelderland
Op 25 november 2014 werd verdachte beschuldigd van het gijzelen, mishandelen, bedreigen en afpersen van het slachtoffer in een kelder van een café in Arnhem. Het slachtoffer verklaarde dat hij door verdachte en diens broer werd vastgehouden, mishandeld en bedreigd met een pistool.
Diverse getuigenverklaringen, telefonische gegevens en forensisch onderzoek werden onderzocht. Hoewel het slachtoffer letsel had en bloedsporen in de kelder werden aangetroffen, kon de rechtbank niet vaststellen dat het letsel het gevolg was van mishandeling door verdachte. Ook kon niet worden vastgesteld dat verdachte daadwerkelijk aanwezig was in het café toen de feiten zouden hebben plaatsgevonden.
De verdediging voerde aan dat het bewijs onvoldoende was en de rechtbank volgde dit standpunt. Gezien het ontbreken van wettig en overtuigend bewijs sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten.
Daarnaast werd de teruggave gelast van een in beslag genomen geldbedrag van €16.170 aan verdachte. Het vonnis werd uitgesproken op 9 mei 2018 door de meervoudige kamer van de rechtbank Gelderland te Arnhem.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van de tenlastegelegde feiten.