ECLI:NL:RBGEL:2018:3120
Rechtbank Gelderland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter in zaak opheffing meerderjarigenbewind
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen de kantonrechter die betrokken was bij zijn zaak over de opheffing van het meerderjarigenbewind. De grondslag voor het wrakingsverzoek was een opmerking van de rechter dat zij 'stakeholder' was, wat verzoeker als een teken van partijdigheid interpreteerde.
De rechtbank overwoog dat wraking alleen mogelijk is bij concrete feiten die wijzen op vooringenomenheid of een objectief gerechtvaardigde vrees daarvoor. Uit het proces-verbaal van de zitting op 15 mei 2018 bleek dat de rechter het woord 'stakeholder' ongelukkig gebruikte, maar dat zij daarmee wilde aangeven dat zij betrokken was als beslissingsbevoegde, niet als belanghebbende.
De rechtbank concludeerde dat er geen aanwijzingen zijn voor vooringenomenheid of een objectief gerechtvaardigde vrees bij verzoeker. Daarom werd het wrakingsverzoek afgewezen. De beslissing werd op 11 juni 2018 door de meervoudige wrakingskamer van de rechtbank Gelderland in openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wordt afgewezen wegens het ontbreken van vooringenomenheid of objectief gerechtvaardigde vrees daarvoor.