Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.De procedure
- het tussenvonnis van 8 februari 2017
- het deskundigenbericht van 20 maart 2018
- de beschikking van 30 maart 2018
- de conclusie na deskundigenbericht van Allianz
- de antwoordconclusie na deskundigenbericht van [eiseres] .
2.De verdere beoordeling
Vraag I.
De expert is helder en duidelijk. Er zijn geen neuropsychologische functiestoornissen geobjectiveerd, die zouden kunnen wijzen op een hersenbeschadiging als gevolg van het ongeval. Op basis hiervan kunnen er ook geen neuropsychologische beperkingen worden geformuleerd.
Er zijn echter wel afwijkingen die worden toegeschreven aan een combinatie van klachten, werkhouding en enkele psychologische factoren zoals lichte verwerking- en acceptatieproblemen.
gemotiveerdstandpunt ingenomen. De rechtbank sluit niet uit dat aan de wijze waarop [eiseres] erin is geslaagd haar werk (langzaamaan) te hervatten argumenten kunnen worden ontleend ter beantwoording van de vraag of aannemelijk is dat de lichte problemen die het gevolg zijn van de predispositie en persoonlijkheidsstructuur in de toekomst nog verder zullen verminderen. Voorts dient de vraag te worden beantwoord in hoeverre de lichte problemen op den duur nog zijn toe te rekenen aan het ongeval. Voor toerekening aan het ongeval geldt de voorwaarde dat de klachten reëel, niet ingebeeld, niet voorgewend en niet overdreven zijn. Aan deze voorwaarde wordt deels niet voldaan, waar de deskundige spreekt over lichte functionele
aggravatieen
somatische fixatie. Daarom vraagt de rechtbank ook voor de periode na 1 juli 2016 zich af of het benoemen van deskundigen, zoals door [eiseres] verzocht, de meest doelmatige stap is.
3.De beslissing
12 september 2018voor het opgeven van de verhinderdagen van de partijen en hun advocaten in de maanden oktober tot en met december 2018, waarna dag en uur van de comparitie zullen worden bepaald,