Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.[eiser 1] ,
[eiser 2],
[eiser 3],
[eiser 4],
1.De procedure
- het tussenvonnis van 14 juni 2017
- het proces-verbaal van comparitie van 21 november 2017
- de conclusie van repliek
- de conclusie van dupliek.
Rechtbank Gelderland
Eisers, bestaande uit twee vaders, hun zonen en holdingvennootschappen, vorderen een verklaring voor recht dat Flynth aansprakelijk is voor schade door gebrekkige advisering bij de bedrijfsovername van het familiebedrijf in 2012.
Flynth, als huisaccountant, had een eigen onderzoeksplicht en had moeten waarschuwen voor het risico dat de bedrijfsopvolgingsregeling (BOR) niet zou gelden bij faillissement binnen vijf jaar. De rechtbank stelt vast dat Flynth zich onvoldoende rekenschap gaf van de slechte liquiditeitspositie en het faillissementsrisico, en onvoldoende waarschuwde voor fiscale gevolgen.
De rechtbank wijst erop dat eisers ook eigen schuld hebben door het late informeren van Flynth en het niet tijdig betrekken van de adviseur bij de problemen. Daarom wordt de aansprakelijkheid van Flynth vastgesteld op 60%. De zaak wordt verwezen naar schadestaat voor de hoogte van de schadevergoeding.
Uitkomst: Flynth is voor 60% aansprakelijk voor de schade door gebrekkige advisering bij de bedrijfsovername, met 40% eigen schuld van eisers.