Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBGEL:2018:4578

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
22 oktober 2018
Publicatiedatum
25 oktober 2018
Zaaknummer
05/760013-15
Instantie
Rechtbank Gelderland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak militair wegens gebrek aan bewijs verduistering in functie

Een 57-jarige militair werd beschuldigd van verduistering in functie van geldbedragen die hij als voorzitter/penningmeester van een buurtvereniging had opgenomen tussen 2011 en 2013. Het Openbaar Ministerie en de verdediging stelden beiden dat er onvoldoende bewijs was voor de wederrechtelijke toe-eigening van de gelden.

De militaire kamer oordeelde dat ondanks het ontbreken van een volledige boekhouding over de betreffende jaren, dit niet automatisch betekent dat verdachte zich de gelden heeft toegeëigend. Er was geen overtuigend bewijs dat de verdachte het geld wederrechtelijk heeft gehouden.

Daarom werd verdachte vrijgesproken van de tenlastegelegde feiten. Tevens werd de teruggave van een in beslag genomen USB-stick aan de rechthebbende bevolen, aangezien er geen strafvorderlijk belang meer bestond.

De uitspraak werd gedaan door de militaire kamer van de Rechtbank Gelderland te Arnhem op 22 oktober 2018 na meerdere zittingen sinds maart 2016.

Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens gebrek aan bewijs voor verduistering in functie.

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND
Team strafrecht
Zittingsplaats Arnhem
Parketnummer : 05/760013-15
Datum uitspraak : 22 oktober 2018
Tegenspraak
vonnis van de meervoudige militaire kamer
in de zaak van
de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland
tegen
[verdachte]
geboren op [geboortedag] 1961 te [geboorteplaats] ,
wonende te [adres] , [woonplaats] ,
raadsvrouw: mr. T.H. ten Wolde, advocaat te Arnhem.
Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 2 maart 2016, 18 mei 2017 (beiden bij de militaire politierechter), 9 april 2018 en 22 oktober 2018.

1.De inhoud van de tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:
hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 januari 2011 tot en met 31 december 2013 te Deurne, althans in Nederland, (telkens) opzettelijk geldbedragen tot totaalbedrag van Euro 7742,86, althans een geldbedrag, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele toebehoorde(n) aan Buurtvereniging [naam] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, en welk(e) goed(eren) verdachte uit hoofde van zijn functie als voorzitter/penningmeester van genoemde buurtvereniging, in elk geval anders dan door misdrijf onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend.

2.Overwegingen ten aanzien van het bewijs

Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte wordt vrijgesproken van het tenlastegelegde.
Het standpunt van de verdediging
De raadsvrouw heeft vrijspraak bepleit van het tenlastegelegde. Zij heeft betoogd dat er geen bewijs voor wederrechtelijke toe-eigening is.
Beoordeling door de militaire kamer
Met de officier van justitie en de verdediging is de militaire kamer van oordeel, dat niet bewezen is dat verdachte zich gelden van buurtvereniging [naam] wederrechtelijk heeft toegeëigend. Weliswaar kan hij, bij het ontbreken van de boekhouding over de jaren 2011 tot en met 2013, niet alle door hem van de rekening van de buurtvereniging opgenomen geldbedragen verantwoorden, maar hieruit volgt niet dat hij zich deze bedragen heeft toegeëigend. Verdachte zal van dit feit worden vrijgesproken.

3.Het beslag

Nu zich geen strafvorderlijk belang daartegen verzet, zal de teruggave worden gelast van de in beslag genomen USB-stick aan de rechthebbende, zijnde verdachte.

4.De beslissing

De militaire kamer:
 spreekt verdachte vrij van het tenlastegelegde feit;
 gelast de
teruggavevan de in beslag genomen, nog niet teruggegeven USB-stick aan de rechthebbende, te weten:
[verdachte] .
Dit vonnis is gewezen door mr. C. van Linschoten (voorzitter), mr. S.C.A.M. Janssen, rechters, en kolonel mr. H.C.M. Snellen, militair lid, in tegenwoordigheid van mr. A. Bril, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 22 oktober 2018.
Mr. S.C.A.M. Janssen is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.