Eiseres heeft een schadevergoeding gevorderd wegens waardevermindering van haar bedrijfspand door het tracébesluit Rijksweg 31 te Leeuwarden. Na een eerste toekenning van €463.440 werd deze bij bezwaar verhoogd naar €497.450. Eiseres betwistte de gewijzigde berekeningswijze van de waardedaling door verweerder en stelde dat de berekeningsmethode van de eerste taxateur Bruining gevolgd had moeten worden.
De rechtbank oordeelt dat de taxatie en de berekening van de waardedaling onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Omdat er twijfels waren over de eerste taxatie, mocht verweerder de gehele schadeberekening laten herzien door een andere taxateur, De Waard. De waardedaling van 45% werd door De Waard duidelijk onderbouwd en is niet in strijd met de Awb.
Wel was het onjuist om de waardedaling van €533.250 af te ronden naar €533.000. De rechtbank vernietigt daarom het bestreden besluit voor zover het de hoogte van de schadevergoeding betreft en stelt deze vast op €497.700. Tevens veroordeelt zij verweerder tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De rechtbank wijst het beroep van eiseres toe.