ECLI:NL:RBGEL:2019:1358
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over legessanctie en vertrouwensbeginsel bij bouwvergunning
Eiseres diende een aanvraag in voor een omgevingsvergunning voor de bouw van vier woningen. Voorafgaand aan de aanvraag sprak zij met ambtenaren van de omgevingsdienst die haar onjuist informeerden dat indien de aanvraag vóór de inwerkingtreding van het nieuwe bestemmingsplan werd ingediend, de legessanctie niet zou gelden en dus geen leges in rekening zouden worden gebracht.
De rechtbank stelt vast dat de legessanctie op het moment van aanvraag niet meer van toepassing was omdat het nieuwe bestemmingsplan al door de gemeenteraad was vastgesteld, ook al was het nog niet in werking getreden. Desondanks mocht eiseres op grond van het vertrouwensbeginsel vertrouwen op de concrete toezegging van de bevoegde ambtenaren. Zij had haar handelen hierop afgestemd door duurdere keuzes te maken om de aanvraag tijdig in te dienen.
Verweerder voerde aan dat de toezegging niet onvoorwaardelijk was en dat de aanvraag toch aan het nieuwe bestemmingsplan was getoetst, maar de rechtbank oordeelt dat dit de toezegging over de legessanctie niet aantast. Omdat eiseres als leek niet hoefde te begrijpen dat de informatie onjuist was, wordt het beroep gegrond verklaard en de legesfactuur vernietigd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt gegrond verklaard en de legesfactuur wordt vernietigd wegens het vertrouwensbeginsel.