Eiser is houder van een Mercedes-Benz waarvan het kenteken meerdere malen, waaronder van 9 april 2017 tot 8 april 2018, was geschorst. De auto onderging op 2 januari 2018 een APK-keuring bij een garage en stond daar tot 1 februari 2018. Op die dag werd geconstateerd dat de auto op de openbare weg werd gebruikt, wat leidde tot naheffing van motorrijtuigenbelasting en een boete.
Eiser stelde dat hij te goeder trouw handelde door de auto een maand na de keuring van de garage naar de stalling te rijden, en bracht een verklaring van een garagemedewerker in. Tevens voerde hij aan dat hij in 2014 telefonisch informatie had gekregen dat het gebruik van de weg ook op andere dagen dan de keuringsdag was toegestaan mits dit aantoonbaar was.
Verweerder handhaafde de naheffing en boete op grond van de wettelijke regeling die vrijstelling slechts op de keuringsdag toestaat. De rechtbank oordeelde dat de vrijstellingsregeling in uitzonderlijke gevallen ook op andere dagen kan gelden, mits bijzondere omstandigheden aanwezig zijn. In dit geval waren die omstandigheden aanwezig: de auto kon niet op de keuringsdag worden opgehaald vanwege ontbrekende onderdelen en de garage informeerde pas enkele dagen later over de goedkeuring. Daarnaast was eiser verhuisd en speelde de gezondheidssituatie van zijn echtgenote mee.
De rechtbank concludeerde dat de vrijstelling van toepassing is en vernietigde de naheffingsaanslag en boete. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht.