Uitspraak
1.De inhoud van de vordering
2.De procedure
3.Het onderzoek ter terechtzitting
4.De beoordeling van de vordering
€ 1.110,70
€ 119.763,89 (€ 121.948,89 - € 2.185,00). Gesteld noch gebleken is ene aanleiding om de betalingsverplichting van veroordeelde te matigen. Daarvoor ziet de rechtbank dan ook geen reden.
5. De toegepaste wettelijke bepalingen
6.De beslissing
- stelt vast het bedrag waarop het door veroordeelde wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat op een bedrag van
- legt de veroordeelde de hoofdelijke verplichting op tot betaling aan de staat ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel van een bedrag van
- wijst de vordering voor het overige af.