Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de meervoudige kamer van 10 januari 2019
[naam 1] , [naam 2] , [naam 3] , [naam 4] en [naam 5] ,
Procesverloop
Overwegingen
kanbevinden.
Rechtbank Gelderland
De rechtbank Gelderland behandelde het beroep van omwonenden tegen de door het college van burgemeester en wethouders van Beuningen verleende milieuvergunning voor de oprichting van een pluimveehouderij met 84.800 vleeskuikens op een perceel te Beuningen.
Eisers voerden verschillende beroepsgronden aan, waaronder strijd met de omgevingsverordening Gelderland, economische uitvoerbaarheid, de noodzaak van een milieueffectrapportage (MER) en onvoldoende onderzoek naar indirecte geluidhinder door vrachtverkeer. De rechtbank overwoog dat de milieuvergunning slechts kan worden geweigerd in het belang van milieubescherming en dat veel van de aangevoerde gronden beter in een procedure tegen het bestemmingsplan hadden kunnen worden ingebracht.
De rechtbank verwierp de beroepsgronden omdat de milieuvergunning niet in strijd was met de omgevingsverordening, de economische uitvoerbaarheid geen milieukwestie is, de MER-plicht niet van toepassing was omdat de drempelwaarde van 85.000 stuks pluimvee niet werd overschreden, en het vrachtverkeer ter plaatse was opgenomen in het heersende verkeersbeeld waardoor de geluidhinder niet aan de inrichting kon worden toegerekend.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de milieuvergunning voor de pluimveehouderij wordt ongegrond verklaard.