ECLI:NL:RBGEL:2019:6144
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek ontheffing inburgeringsplicht wegens onvoldoende onafgebroken inschrijving in BRP
Eiser heeft een verzoek ingediend om ontheffing van de inburgeringsplicht op grond van aantoonbare voldoende inburgering, ondersteund met werkgeversverklaringen en verklaringen van de directeur van de basisschool van zijn kinderen.
Verweerder heeft het verzoek afgewezen omdat eiser niet voldoet aan de cumulatieve voorwaarden van artikel 2.4a van de Regeling inburgering, met name de eis van tien jaar onafgebroken inschrijving in de Basisregistratie Personen (BRP). Eiser was van 2 oktober 1995 tot 9 april 1998 en van 21 september 2012 tot heden ingeschreven, wat niet voldoet aan de eis.
De rechtbank oordeelt dat de voorwaarden cumulatief zijn en dat noch de Regeling noch enig ander wettelijk voorschrift verweerder de bevoegdheid geeft om hiervan af te wijken. Ook bijzondere omstandigheden zoals langdurig verblijf, kinderen en vrijwilligerswerk bieden geen grond voor afwijking.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter J.J.W.P. van Gastel op 31 december 2019.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de ontheffing van de inburgeringsplicht wordt ongegrond verklaard omdat eiser niet voldoet aan de eis van tien jaar onafgebroken inschrijving in de BRP.