Op 4 juli 2015 heeft eiser een verkeersongeval gehad waarbij hij als bestuurder werd aangereden door een bij Allianz verzekerd voertuig. Allianz erkende aansprakelijkheid en betaalde een voorschot van €5.000. Eiser vorderde verdere medewerking, periodieke bevoorschotting van schade en betaling van buitengerechtelijke kosten.
De rechtbank oordeelde dat het verzoek tot medewerking onvoldoende concreet was en niet leidde tot een concrete verplichting voor Allianz. Daarnaast ontbrak een onderbouwde schadestaat en medische onderbouwing van de klachten, waardoor niet kon worden vastgesteld of de schade hoger was dan het reeds betaalde voorschot. Het verzoek tot betaling van een voorschot op buitengerechtelijke kosten werd eveneens afgewezen vanwege het ontbreken van een duidelijke specificatie en redelijkheidstoets.
De rechtbank concludeerde dat de deelgeschilprocedure niet geschikt was voor de bewijslevering die nodig is om de schade vast te stellen. De proceskosten werden niet toegewezen omdat de verzoeken te breed en kansloos waren. De rechtbank wees alle verzoeken af en sprak de beschikking uit op 19 december 2019.