Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
proces-verbaal van de voorzieningenrechter van
[verzoekster], te [woonplaats] , verzoekster,
[derde partij], te Arnhem,
Rechtbank Gelderland
Het college van dijkgraaf en heemraden van Waterschap Rivierenland heeft vergunning verleend voor het uitbaggeren en dempen van een deel van het Wylerbergmeer in Ubbergen. Verzoekster maakte bezwaar tegen deze vergunning en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de door verzoekster aangevoerde bezwaren, waaronder schade aan het landschap, waterhuishouding en de geomorfologie, alsmede het ontbreken van onderzoek naar effecten op beschermde diersoorten en Natura 2000-gebied, niet passen binnen de doelstellingen van de Waterwet. De Waterwet richt zich primair op het voorkomen van overstromingen, verbeteren van de waterkwaliteit en vervullen van maatschappelijke functies.
De voorzieningenrechter stelde vast dat het Waterschap bij het verlenen van de vergunning is afgeweken van het eigen beleidsregel, maar dat dit geen grond is om de vergunning te weigeren indien dit niet strijdig is met de Waterwet. Er was geen aanleiding te veronderstellen dat de vergunning in bezwaar geen stand zal houden. Daarom werd het verzoek tot voorlopige voorziening afgewezen.
Tenslotte werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en werd gewezen op het ontbreken van een rechtsmiddel tegen deze uitspraak.
Uitkomst: Het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening tegen de watervergunning wordt afgewezen.