ECLI:NL:RBGEL:2020:2111
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening uitspraak inzake handhavingsbesluit voormalige stortplaats De Belt
Verzoekers hebben een verzoek ingediend tot herziening van de uitspraak van 1 oktober 2018 van de rechtbank Gelderland, waarin hun beroep tegen de afwijzing van een handhavingsverzoek met betrekking tot de voormalige stortplaats De Belt ongegrond werd verklaard.
De rechtbank beoordeelt het verzoek aan de hand van artikel 8:119 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, dat herziening alleen mogelijk maakt bij nieuwe feiten of omstandigheden die bij de eerdere uitspraak niet bekend waren en die tot een andere uitspraak zouden kunnen leiden. Verzoekers stelden dat zij na de uitspraak in het bezit waren gekomen van beantwoording van raadsvragen over de stortplaats, maar de rechtbank oordeelde dat deze informatie niet nieuw was in inhoud en daarom niet tot herziening kon leiden.
Daarnaast voerden verzoekers aan dat een juridisch punt over artikel 3.3a Bor onjuist was, maar dit betoog betreft geen nieuw feit en had via hoger beroep moeten worden aangevochten. Ook andere ingebrachte stukken waren niet nieuw of relevant voor herziening. De rechtbank concludeert dat het verzoek niet aan de cumulatieve criteria voldoet en wijst het af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening van de uitspraak van 1 oktober 2018 wordt afgewezen wegens ontbreken van nieuwe feiten die tot een andere uitspraak zouden leiden.