Uitspraak
MEFA Bouw B.V.
Rechtbank Gelderland
In deze civiele zaak vordert eiser betaling van een ongedaanmakingsverplichting van Mefa Bouw wegens gebrekkig verricht werk. De kantonrechter verwijst naar een tussenvonnis waarin Mefa Bouw werd uitgenodigd tegenbewijs te leveren tegen de stelling van eiser over de hoogte van de ongedaanmakingsverplichting.
Mefa Bouw overlegt een kostenoverzicht en stelt dat hij niets meer verschuldigd is. Hij betwist ook de kwaliteit van het bouwkundig advies dat de gebreken vaststelt. Eiser betoogt dat het kostenoverzicht niet aansluit op het bouwkundig advies en onvoldoende onderbouwd is.
De kantonrechter oordeelt dat Mefa Bouw onvoldoende tegenbewijs heeft geleverd. De posten ‘besparing’ en ‘meerwerk’ in het overzicht zijn niet onderbouwd en zeggen niets over de waarde van het geleverde werk. Ook de kwaliteit van het stucwerk is niet aannemelijk gemaakt. Daarom wordt uitgegaan van het bouwkundig advies, dat de waarde van het werk op €788,69 begroot, verminderd met €295 aan advieskosten.
De ongedaanmakingsverplichting wordt vastgesteld op €4.808,53. Daarnaast worden wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten van €733,08 toegewezen. Mefa Bouw wordt veroordeeld in de proceskosten en de vordering tot tegenvordering wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening.
Uitkomst: Mefa Bouw wordt veroordeeld tot betaling van €4.808,53 ongedaanmakingsverplichting, wettelijke rente en incassokosten aan eiser.