Uitspraak
1.Procesverloop
2.Beoordeling
3.Beslissing
12 januari 2021.
Rechtbank Gelderland
De rechtbank Gelderland behandelde op 13 juli 2020 een verzoek tot zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ten aanzien van betrokkene, die lijdt aan late onset schizofrenie met milde psychotische symptomen. Betrokkene is afhankelijk van depotmedicatie, maar ervaart bijwerkingen en schaamte, waardoor vrijwillige zorg niet mogelijk is.
Tijdens een mondelinge behandeling via beeldbellen, vanwege COVID-19 maatregelen, werden betrokkene en haar psychiater gehoord. De rechtbank concludeerde dat het gedrag voortvloeiend uit de stoornis ernstig nadeel veroorzaakt, zoals psychische en financiële schade en maatschappelijke teloorgang. Verplichte zorg, waaronder medicatie en beperkingen in vrijheid, is noodzakelijk om dit te voorkomen.
De rechtbank achtte de voorgestelde zorgvormen evenredig en effectief en zag geen minder bezwarende alternatieven. De machtiging wordt verleend voor zes maanden, waarbij de rechtbank het belang benadrukt dat bij een eventuele volgende mondelinge behandeling de vaste behandelaar aanwezig is. Tegen de beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor verplichte zorg voor de duur van zes maanden.