ECLI:NL:RBGEL:2020:7130

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
13 november 2020
Publicatiedatum
4 maart 2021
Zaaknummer
8841716 \ BR VERZ 20-333 \ 814
Instantie
Rechtbank Gelderland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 13b WahvBesluit proceskosten bestuursrecht
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep tegen proceskostenvergoeding in zaak Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften

In deze zaak heeft de kantonrechter uitspraak gedaan over een beroep tegen een beslissing van de officier van justitie inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De officier van justitie had een beschikking vernietigd en een vergoeding van €262,50 aangeboden voor drie samenhangende zaken. De gemachtigde van betrokkene stelde beroep in tegen deze beslissing.

De kantonrechter besloot het beroep ambtshalve buiten zitting af te doen en oordeelde dat uit het dossier niet bleek waarom sprake was van samenhangende zaken. Hierdoor was de zaak ten onrechte als samenhangend met andere zaken beschouwd. Volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht behoren voor bezwaar en beroep elk 1 punt toe met een wegingsfactor van 0,5, wat resulteert in een proceskostenvergoeding van €525,-.

De kantonrechter veroordeelde de officier van justitie tot betaling van deze proceskostenvergoeding, met verrekening van het reeds betaalde bedrag van €262,50. De beslissing werd in het openbaar uitgesproken op 13 november 2020 door kantonrechter M.A. Jansen-van Leeuwen. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open onder voorwaarden.

Uitkomst: Beroep gegrond verklaard en officier van justitie veroordeeld tot betaling van €525,- proceskosten met verrekening van reeds betaalde bedragen.

Uitspraak

uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Team strafrecht
Zittingsplaats Apeldoorn
zaakgegevens 8841716 \ BR VERZ 20-333 \ 814
cjib-nr / registratienr [CJIB-nummer] / [nummer]
beslissing inzake Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
in de zaak van

de naamloze vennootschap [betrokkene]

gevestigd te [adres]
betrokkene
gemachtigde mr. [gemachtigde] , [naam]
tegen

de officier van justitie

Gronden voor de beslissing:

De officier van justitie heeft de beschikking met bovenvermeld CJIB nummer vernietigd. Aan gemachtigde is door de officier van justitie in deze zaak een vergoeding, vanwege beroepsmatig verleende rechtsbijstand, voor 3 samenhangende zaken, aangeboden van
€ 262,50.
Gemachtigde heeft tegen deze beslissing beroep ingesteld.
De kantonrechter overweegt als volgt.
Gelet op het bepaalde in artikel 13b Wahv heeft de kantonrechter ambtshalve beslist om dit beroep buiten zitting af te doen.
Met gemachtigde is de kantonrechter van oordeel dat, nu uit het dossier niet blijkt waarom de officier van justitie van oordeel is dat er sprake is van samenhangende zaken, deze zaak ten onrechte als een samenhangende zaak met de 2 andere in de beslissing genoemde zaken is gezien.
In het Besluit proceskosten bestuursrecht, is onder A ‘Punten per proceshandeling’ A5. Bezwaar en administratief beroep, het volgende opgenomen:
- Bezwaar-/beroepschrift, 1 punt
- Verschijnen hoorzitting, 1 punt
- Nadere hoorzitting, 0.5 punt
De kantonrechter kent voor het beroepschrift tegen de beschikking en voor het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie beide 1 punt toe, met een wegingsfactor van 0.5 (licht).
De officier van justitie zal derhalve worden veroordeeld in de kosten tot een bedrag van
€ 525,- (2 x € 525,- x 0.5).
Uit het dossier lijkt te volgen dat er een bedrag van € 262,50 aan proceskosten (in de door de officier van justitie aangemerkte samenhangende zaken) aan gemachtigde is overgemaakt. Het bedrag dat de kantonrechter in onderhavige zaak (met het CJIB nummer [CJIB-nummer] ) aan proceskosten zal toekennen dient hiermee te worden verrekend.
Er zal daarom als volgt worden beslist.

Beslissing

De kantonrechter:
-verklaart het beroep gegrond;
-veroordeelt de officier van justitie in de proceskosten van betrokkene, begroot op € 525,-, ter zake van door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand in de zaak met het
CJIB nummer [CJIB-nummer] ;
-bepaalt dat er verrekening dient plaats te vinden met het mogelijk reeds aan gemachtigde uitgekeerde bedrag.
Deze beschikking is gegeven door de kantonrechter mr. M.A. Jansen-van Leeuwen, en in het openbaar uitgesproken op 13 november 2020 in tegenwoordigheid van de griffier.
De griffier, De kantonrechter,
Rechtsmiddel:
Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen zes weken na de verzending van een afschrift hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, doch alleen indien:
a. de bij deze beslissing opgelegde sanctie meer dan € 70,00 bedraagt, of
b. het beroepschrift niet-ontvankelijk is verklaard omdat de zekerheid niet (tijdig) is gesteld.
Het beroepschrift dient schriftelijk te worden ingediend bij de rechtbank Gelderland, Team strafrecht, Mulderzaken, kamer H.1.100, Postbus 9030, 6800 EM Arnhem en dient door degene die beroep heeft ingesteld, of door zijn gemachtigde te zijn ondertekend. Beroepschriften die per e-mail worden ingediend, kunnen gezien de wettelijke regeling niet in behandeling worden genomen.
De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij in het beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting wordt gevraagd waarbij u uw standpunt mondeling wilt toelichten.
Een afschrift van deze uitspraak is aan betrokkene en de officier van justitie verzonden op: