Uitspraak
[verzoeker] , hierna: ‘verzoeker’,
De procedure
Het verzoek
- € 4.489,10 ter zake kosten rechtsbijstand;
- PM de forfaitaire vergoeding voor het indienen/behandelen van het
Rechtbank Gelderland
Verzoeker heeft op grond van artikel 530 Sv Pro een vergoeding gevraagd voor de kosten van rechtsbijstand en het indienen van het verzoekschrift na zijn vrijspraak in een strafzaak wegens wanordelijkheden op een openbare plaats.
De officier van justitie stelde primair dat de factuur niet aan verzoeker was gericht en subsidiair dat de kosten gematigd moesten worden vanwege een te hoge tijdsbesteding van 14 uren in een eenvoudige zaak met een kort dossier. De advocaat van verzoeker betwistte dit en gaf aan dat de tijdsbesteding gerechtvaardigd was vanwege extra werkzaamheden door een onvolledig dossier en complexere procedure.
De enkelvoudige raadkamer oordeelde dat de kosten rechtsbijstand volledig konden worden toegekend zoals verzocht, mede omdat de officier van justitie niet inhoudelijk op het verweer van de advocaat was ingegaan. Daarnaast werd een forfaitaire vergoeding van €550 toegekend voor het verzoekschrift en de schriftelijke conclusiewisseling.
De totale vergoeding van €5.039,10 wordt uit de rijkskas betaald aan verzoeker. Tegen deze beschikking kan binnen één maand hoger beroep worden ingesteld bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: Verzoeker krijgt een vergoeding van €5.039,10 voor kosten rechtsbijstand en verzoekschrift na vrijspraak.