ECLI:NL:RBGEL:2021:2057
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Voorkoming dubbele belasting bij verdeling gezamenlijke rendementsgrondslag onroerend goed in Frankrijk
Eiser en zijn fiscale partner bezitten gezamenlijk een onroerende zaak in Frankrijk en hebben hun gezamenlijke rendementsgrondslag in box 3 verdeeld, waarbij 79% aan eiser is toegerekend. Verweerder heeft bij de aanslag inkomstenbelasting 2019 een aftrek ter voorkoming van dubbele belasting toegekend, berekend naar rato van dit aandeel.
Eiser betwist deze berekeningswijze en stelt dat de volledige waarde van het onroerend goed op zijn aandeel moet worden toegepast om zo de laagste belastingdruk te realiseren. De rechtbank overweegt dat het heffingsrecht over het onroerend goed aan Frankrijk toekomt, maar dat Nederland op grond van het belastingverdrag deze waarde ook in de Nederlandse grondslag mag opnemen.
De rechtbank concludeert dat de gekozen verdeling van de gezamenlijke rendementsgrondslag ook doorwerkt in de berekening van de aftrek ter voorkoming van dubbele belasting. Dit is in overeenstemming met het systeem van box 3 en het belastingverdrag. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de aanslag inkomstenbelasting 2019 wordt ongegrond verklaard.