ECLI:NL:RBGEL:2021:2095
Rechtbank Gelderland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Bevel tot inkorting bamboehaag wegens onrechtmatige hinder en privacyafweging
In deze civiele procedure vordert eiser dat de bamboehaag van gedaagde wordt ingekort vanwege hinder door lichtontneming en uitzichtbelemmering. Gedaagde stelt dat de haag noodzakelijk is voor zijn privacy en groene tuinomgeving. De rechtbank weegt de belangen af en stelt vast dat de haag van minimaal 7 meter hoogte op circa 6 meter afstand een aanzienlijke hinder veroorzaakt, die onrechtmatig is.
De rechtbank erkent het privacybelang van gedaagde, maar acht dit belang onvoldoende om de huidige hoogte te handhaven, vooral omdat eiser bereid is zijn bovenramen ondoorzichtig te maken. De haag moet daarom worden teruggebracht tot 3,62 meter, wat voldoende groen biedt en de privacy waarborgt. Daarnaast wijst de rechtbank de vorderingen tot verwijdering van drie bomen af vanwege onvoldoende zwaarwegende belangen en toekomstige schadeverwachtingen.
De veroordeling tot inkorting wordt binnen een maand opgelegd, ingaande nadat eiser de ramen heeft afgeplakt. De proceskosten worden gecompenseerd en iedere partij draagt zijn eigen kosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De bamboehaag wordt ingekort tot 3,62 meter met een dwangsom, na afplakken van ramen ter bescherming van privacy.