Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen mr. I.C.J.I.M. van Dorp, rechter in de rechtbank Gelderland, locatie Arnhem, omdat deze na de mondelinge behandeling van een kort geding weigerde nadien ingediende stukken in behandeling te nemen.
De wrakingskamer heeft het verzoek beoordeeld en geoordeeld dat een procesbeslissing in beginsel geen grond vormt voor wraking, tenzij deze zo onjuist of onbegrijpelijk is dat alleen vooringenomenheid dit kan verklaren. De door verzoeker aangevoerde omstandigheden voldeden niet aan deze hoge drempel.
Daarom is het wrakingsverzoek afgewezen. De beslissing is op 19 april 2021 mondeling uitgesproken en op 23 april 2021 vastgelegd. Tegen deze beslissing is geen rechtsmiddel mogelijk.