Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.De procedure
- het tussenvonnis van 31 maart 2021 (hierna: het tussenvonnis),
- de akte overlegging productie van [eisende partij] , ingekomen op 13 april 2021,
- de akte van [gedaagde partij] van 28 april 2021.
2.De verdere beoordeling
€ 505,32 +
€ 2.160,00 +
€ 2.228,00(2 punt × tarief IV € 1.114,00)
3.De beslissing
artikel 6:119 BW Pro met ingang van veertien dagen na de betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling,