ECLI:NL:RBGEL:2021:4328
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Ö. Sari
- Rechtspraak.nl
Vordering legaat verjaard wegens lange verjaringstermijn van twintig jaar
De zaak betreft een vordering van een niet erkend kind van een overleden erflater, die een perceel land in Suriname gelegateerd kreeg via testament. De wettige erfgenamen, waaronder de gedaagde partij, hadden het perceel in 1993 aan zichzelf toebedeeld en ingeschreven in Suriname.
De eiser vordert nakoming van het testament en levering van het perceel, stellende dat de gedaagde onrechtmatig heeft gehandeld door het perceel aan zichzelf toe te delen zonder hem te informeren. De gedaagde verweert zich met verjaring, stellende dat meer dan twintig jaar is verstreken sinds de toebedeling.
De rechtbank oordeelt dat de Nederlandse rechter bevoegd is en Nederlands recht van toepassing is, gelet op het woonplaatscriterium en Rome II-Verordening. De lange verjaringstermijn van twintig jaar volgens artikel 3:310 lid 1 BW Pro begint te lopen vanaf de gebeurtenis die de schade veroorzaakt, hier de toebedeling in 1993.
Er zijn geen bijzondere omstandigheden die de verjaringstermijn kunnen stuiten of beperken. De eiser kon niet aannemelijk maken waarom hij pas in 2018 kennis nam van het legaat, en de schade is niet verborgen van aard. Daarom is de vordering verjaard en wordt deze afgewezen. De eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot levering van het perceel wordt afgewezen wegens verjaring.