ECLI:NL:RBGEL:2021:4590
Rechtbank Gelderland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bevel preventieve stillegging wegens recidive bij asbestverwijderingswerkzaamheden
De rechtbank Gelderland behandelde het verzoek om voorlopige voorziening tegen een bevel tot stillegging van asbestverwijderingswerkzaamheden opgelegd aan verzoekster wegens recidive in overtreding van artikel 3.16 van het Arbeidsomstandighedenbesluit. Verzoekster voerde aan dat zij een nieuw bedrijf is en geen rechtsopvolger van de eerdere onderneming, waardoor het bevel onterecht aan haar werd opgelegd.
De rechtbank oordeelde dat verzoekster als rechtsopvolger kan worden aangemerkt omdat zij het asbestcertificaat en personeel van de eerdere onderneming heeft overgenomen en feitelijk dezelfde werkzaamheden uitvoert. Hierdoor kunnen de overtredingen van de vorige onderneming aan haar worden toegerekend en is het bevel terecht opgelegd.
Verder verwierp de rechtbank het beroep op het evenredigheidsbeginsel. Het belang van het voorkomen van herhaling van gevaarlijke overtredingen, zoals valgevaar bij asbestwerkzaamheden, weegt zwaarder dan de nadelige gevolgen voor verzoekster. De maatregel is een uiterste middel en gerechtvaardigd gezien de ernst van de overtredingen en het uitblijven van gedragsverbetering.
De rechtbank schorst het bevel tot stillegging slechts tijdelijk tot één week na verzending van de uitspraak, waarna het besluit onverkort van kracht blijft. Verzoekster slaagde er niet in aannemelijk te maken dat de stillegging tot faillissement zou leiden. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het bevel tot stillegging van asbestverwijderingswerkzaamheden wordt bevestigd en slechts tijdelijk opgeschort tot één week na verzending van de uitspraak.