Uitspraak
1.Procesverloop
2.Beoordeling
3.Beslissing
[betrokkene], geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] ;
11 oktober 2021.
Rechtbank Gelderland
De officier van justitie verzocht de rechtbank om voortzetting van een crisismaatregel ten aanzien van betrokkene, die lijdt aan anorexia nervosa en ernstig lichamelijk en psychisch nadeel dreigt te ondervinden. De mondelinge behandeling vond plaats via beeldbellen vanwege COVID-19. Betrokkene gaf aan het niet goed te gaan en had suïcidale gedachten, terwijl de psychiater bevestigde dat voortzetting van de crisismaatregel noodzakelijk was vanwege weigering van voeding en suïcidaliteit.
De rechtbank overwoog dat de zorgmachtiging, afgegeven op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), is vervallen door de machtiging gesloten jeugdhulp die op grond van de Jeugdwet is verleend. De zorgmachtiging kan daardoor niet meer ten uitvoer worden gelegd. De rechtbank nam geen standpunt in over de notitie van de officier van justitie over de samenloop van deze machtigingen, omdat dit niet relevant was voor de beslissing.
Gezien het ernstig dreigend nadeel en het ontbreken van minder bezwarende alternatieven, achtte de rechtbank de voortzetting van de crisismaatregel noodzakelijk en evenredig. De machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel werd verleend voor een periode van drie weken, met verplichte zorg zoals het toedienen van voeding, medicatie en medische controles, opname in een accommodatie en toezicht.
De beschikking werd mondeling uitgesproken op 20 september 2021 en schriftelijk vastgesteld op 28 september 2021. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor drie weken en oordeelt dat de zorgmachtiging is vervallen door de machtiging gesloten jeugdhulp.