Uitspraak
[verz./verw.tegenverz.]
Rechtbank Gelderland
Mevrouw was sinds 2011 in dienst als tandartsassistente en praktijkmanager bij de werkgever. In december 2017 vond tijdens een cursusreis naar Amerika seksuele intimidatie plaats door de werkgever, wat leidde tot een onveilige werksituatie. Na terugkomst werd zij onterecht teruggezet in een lagere functie met salarisverlaging en werd haar een salarisverhoging onthouden.
De arbeidsverhouding verslechterde verder doordat de werkgever onvoldoende aan de re-integratieverplichtingen voldeed. De werknemer meldde zich ziek in september 2018 en de voorzieningenrechter oordeelde dat de werkgever onrechtmatig had gehandeld bij de eenzijdige wijziging van de arbeidsovereenkomst.
De kantonrechter oordeelt dat de arbeidsovereenkomst ontbonden moet worden wegens een ernstig verstoorde arbeidsverhouding veroorzaakt door ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever, waaronder seksuele intimidatie, onterecht terugplaatsen en onvoldoende re-integratie. De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 februari 2022 met een wettelijke transitievergoeding van €11.963,43 en een billijke vergoeding van €100.000 bruto toegekend aan de werknemer.
Daarnaast wordt de werkgever veroordeeld tot het opstellen en uitbetalen van een eindafrekening en het toesturen van salarisspecificaties. De proceskosten worden gecompenseerd zodat iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 februari 2022 met toekenning van een transitievergoeding van €11.963,43 en een billijke vergoeding van €100.000 wegens ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever.