Uitspraak
25 De procedure
2.De feiten
3.De vordering en het verweer
4.De beoordeling
5.De beslissing
;
Rechtbank Gelderland
Op 21 december 2018 sloot eiseres, een financiële holding, een geldleningsovereenkomst met gedaagde waarbij een lening van €15.000,- werd verstrekt tegen 5% rente, met aflossing uiterlijk 31 december 2019. Na uitblijven van betaling stelde eiseres gedaagde in gebreke en vorderde zij betaling van het geleende bedrag vermeerderd met rente en incassokosten.
Gedaagde verscheen niet in de procedure, waardoor verstek werd verleend. De rechtbank toetste de vordering aan het Europees consumentenrecht, omdat gedaagde als consument wordt beschouwd. Hoewel eiseres stelde geen kredietverstrekker te zijn, oordeelde de rechtbank dat eiseres wel als kredietgever moet worden aangemerkt en dat een geldleningsovereenkomst een bijzondere vorm van kredietovereenkomst is.
Eiseres gaf in een informatieformulier aan niet te hebben voldaan aan de (pre)contractuele informatieverplichtingen en geen kredietwaardigheidstoets te hebben uitgevoerd. Dit is in strijd met dwingende bepalingen van het Europees consumentenrecht en nationale regels van openbare orde. Daarom vernietigde de rechtbank ambtshalve de kredietovereenkomst op grond van artikel 3:40 lid 2 BW Pro.
Door de vernietiging is de lening onverschuldigd verstrekt en moet gedaagde het bedrag van €15.000,- terugbetalen. Rente en incassokosten worden niet toegewezen. Gedaagde wordt tevens veroordeeld in de proceskosten. De uitspraak werd gedaan door kantonrechter D. Vergunst op 25 februari 2022.
Uitkomst: De kredietovereenkomst wordt ambtshalve vernietigd en gedaagde moet het geleende bedrag van €15.000,- terugbetalen zonder rente of incassokosten.