Uitspraak
1.Het verloop van de procedure
2.De feiten
3.Het verzoek en het verweer
- de echtscheiding uit te spreken,
- te bepalen dat het huurrecht van de woning aan de [adres] toekomt aan de man, onder de verplichting van de man om per datum feitelijk vertrek van de vrouw uit de woning alle aan deze woning verbonden lasten op zich te nemen,
- partijen te bevelen over te gaan tot verdeling van de beperkte gemeenschap van goederen met benoeming van een notaris en onzijdige personen.
- het verzoek van de vrouw over het huurrecht toe te wijzen,
- het verzoek van de vrouw over de verdeling af te wijzen en de beperkte gemeenschap van goederen te verdelen conform zijn voorstel zoals verwoord in alinea 15 van zijn verweerschrift.
4.De beoordeling
- de inboedel,
- het saldo op de bankrekeningen,
- de letselschadevergoeding van de vrouw,
- de schuld aan de vader van de man, bestaande uit onder andere een huurachterstand, de te veel ontvangen zorgpremie over 2019 en 2020 en de kosten van de dierenarts,
- de studieschuld van de vrouw.
- de paspop,
- de naaimachine,
- de platenspeler,
- kleding van de vrouw,
- sieraden van de vrouw, waaronder de verlovingsring en trouwring voor zover aanwezig. Volgens de vrouw zit de trouwring in een make-up tas in de woning van de man,
- de fiets,
- het bestek,
- de pannenset,
- het tosti-ijzer.
5.De beslissing
- aan de vrouw wordt toebedeeld: de paspop, de naaimachine, de platenspeler, haar kleding, haar sieraden, waaronder de verlovingsring en trouwring voor zover aanwezig, de fiets, het bestek, de pannenset, het tosti-ijzer,
- aan de man wordt toebedeeld: de hond en de overige inboedel, waaronder de camera, de televisie, het televisiemeubel, de droger en de tupperwareset met onderdelen,
- ieder zet de bankrekening voort op zijn of haar eigen naam, zonder verrekening van het saldo;
- verstaat dat partijen ieder voor de helft draagplichtig zijn voor het gedeelte van de studieschuld van de vrouw dat is opgebouwd binnen de huwelijkse periode;