Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.[eiser 1] ,
[eiser 2],
- [eiser 1]
- [eiser 2]
Rechtbank Gelderland
In deze burengeschilprocedure stond de vraag centraal of de plaatsing van een zonwering op het balkon van gedaagde onrechtmatige hinder oplevert voor de buren. De VvE had in 2018 al toestemming gegeven voor gelijke zonweringen, waaronder die van gedaagde. De eisers stelden dat de zonwering hun uitzicht beperkt en dat zij hinder ondervinden van een vervuilde zonwering.
De voorzieningenrechter overwoog dat een eigenaar in beginsel vrij is om zijn perceel te bebouwen, tenzij dit bestuursrechtelijk of civielrechtelijk ontoelaatbaar is. De vordering van eisers was gebaseerd op artikel 5:37 BW Pro, dat onrechtmatige hinder verbiedt. De rechter beoordeelde de aard, ernst en duur van de hinder en de belangen van partijen, waaronder privacy en zonwering op het balkon.
De rechter concludeerde dat het uitzicht van eisers niet zodanig wordt beperkt dat sprake is van onrechtmatige hinder. Ook de vermeende vervuiling van de zonwering is onvoldoende onderbouwd. Daarom wees de rechtbank de vordering af en veroordeelde de eisers in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot verwijdering van de zonwering wegens onrechtmatige hinder wordt afgewezen.