ECLI:NL:RBGEL:2022:4975
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling geheimhouding ENSIA-verantwoording gemeente Heerde
Eiser verzocht om opheffing van de geheimhouding van stukken met betrekking tot de ENSIA-verantwoording 2018 en 2019 van de gemeente Heerde. Het college verstrekte de stukken in gelakte vorm en legde daarop geheimhouding op. De raad besloot de geheimhouding niet op te heffen, waarop eiser beroep instelde bij de rechtbank.
De rechtbank oordeelt dat de geheimhouding niet op grond van artikel 25 van Pro de Gemeentewet geldt, omdat het hier niet gaat om stukken die aan de raad worden overgelegd, maar om stukken die onder de bevoegdheid van het college vallen. Artikel 55 van Pro de Gemeentewet is hier van toepassing, wat inhoudt dat de geheimhouding blijft gelden totdat de raad deze opheft.
Eiser stelde dat de geheimhouding vervallen was omdat deze niet in de eerstvolgende raadsvergadering was bekrachtigd, maar de rechtbank volgt de raad in de uitleg dat deze bekrachtiging niet vereist is voor stukken onder de bevoegdheid van het college. De rechtbank concludeert dat de raad terecht heeft besloten de geheimhouding te handhaven en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat de geheimhouding op de stukken terecht rust.