De rechtbank Gelderland behandelde een verzoek van de St. Maartenskliniek om tussentijds hoger beroep toe te staan tegen een deelgeschilbeschikking van 25 april 2018, waarin de aansprakelijkheid van de kliniek voor schade van de gedaagde werd vastgesteld.
Hoewel de St. Maartenskliniek niet binnen de wettelijke termijn van drie maanden na de eerste roldatum hoger beroep had ingesteld, heeft de rechtbank, mede gelet op recente jurisprudentie van de Hoge Raad (ECLI:NL:HR:2021:1924), besloten alsnog verlof te verlenen voor het instellen van tussentijds hoger beroep.
Partijen stemden in met dit verzoek, waarna de rechtbank bepaalde dat het hoger beroep kan worden ingesteld voordat het eindvonnis is gewezen. De geplande mondelinge behandeling komt te vervallen en de zaak wordt verwezen naar de parkeerrol in afwachting van het hoger beroep.