De VOF kocht in 2019 een kampeerwagen die later bleek te zijn omgekat, met een vals Voertuig Identificatie Nummer en verkeerde kentekenplaten. De kampeerwagen werd in 2019 in beslag genomen en in 2021 onttrokken aan het verkeer. De VOF vernietigde de koopovereenkomst en vorderde terugbetaling van de koopsom van €14.000, vermeerderd met rente en incassokosten.
De gedaagde stelde dat hij de kampeerwagen al had verkocht en dat er geen volmacht was verleend aan de tussenpersoon die de verkoop regelde. De rechtbank oordeelde dat de VOF erop mocht vertrouwen dat de volmacht aanwezig was, mede omdat de kampeerwagen op naam van de gedaagde stond geregistreerd en de tussenpersoon beschikte over het kentekenbewijs en tenaamstellingscode.
De rechtbank verwierp het beroep op wederzijdse dwaling omdat partijen niet over dezelfde verkeerde voorstelling van zaken dachten. Wel was sprake van eenzijdige dwaling van de VOF over de hoedanigheid van de kampeerwagen, veroorzaakt door onjuiste informatie van de gedaagde via de tussenpersoon. Daarom werd de koopovereenkomst vernietigd en de gedaagde veroordeeld tot terugbetaling van de koopsom, wettelijke rente, incassokosten en proceskosten.