ECLI:NL:RBGEL:2022:7460

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
25 november 2022
Publicatiedatum
20 februari 2023
Zaaknummer
9573712 CV EXPL 21-3528
Instantie
Rechtbank Gelderland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Tussenuitspraak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Tussenuitspraak over bewijslevering handtekening betalingsbewijzen en deskundigenonderzoek

In deze civiele zaak tussen eiser en gedaagden staat de bewijslevering omtrent twee contante betalingen centraal, waarbij de authenticiteit van de handtekeningen op de betalingsbewijzen wordt betwist.

De kantonrechter bevestigt het tussenvonnis van 30 september 2022 en geeft gedaagde 1 de gelegenheid om bewijs te leveren door middel van een onderzoek door een handschriftdeskundige, de heer C. Verhulst van het Nationaal Forensisch Onderzoeksbureau. Tevens wordt voorgesteld om gedaagde 1 als getuige onder ede te horen.

De kosten van het deskundigenonderzoek worden voorlopig vastgesteld op €3.599,75 en worden gedragen door gedaagde 1, tenzij uit het rapport blijkt dat de handtekeningen wel van eiser zijn, waarna eiser de kosten zal dragen. De zaak wordt verwezen naar de rolzitting voor verdere procedurele afhandeling, waarbij de kantonrechter het deskundigenrapport wil afwachten alvorens getuigen te horen.

Uitkomst: De kantonrechter wijst deskundigenonderzoek toe en houdt verdere beslissingen aan tot ontvangst van het rapport.

Uitspraak

vonnis
RECHTBANK GELDERLAND
Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats Nijmegen
zaakgegevens 9573712 \ CV EXPL 21-3528 \ 398 \ 858
uitspraak van
vonnis
in de zaak van
[eiser]
wonende te [woonplaats]
eisende partij in conventie
verwerende partij in reconventie
gemachtigde M. Hennen (Juristu Incassodiensten B.V.)
tegen

1.[gedaagde 1]

wonende te [woonplaats]
gedaagde partij in conventie
eisende partij in reconventie
gemachtigde mr. F.J.M. van Rossem

2.[gedaagde 2]

wonende te [woonplaats]
gedaagde partij in conventie
procederend in persoon
Partijen worden hierna [eiser] en [gedaagde 1] en [gedaagde 2] genoemd.

1.De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het tussenvonnis van 30 september 2022 en de daarin genoemde processtukken
- de akte uitlating bewijslevering van de kant van [gedaagde 1] , met productie 7.

2.De beoordeling

2.1.
De kantonrechter blijft bij hetgeen is overwogen en beslist in het tussenvonnis van 30 september 2022. In dat tussenvonnis heeft de kantonrechter [gedaagde 1] in de gelegenheid gesteld te bewijzen dat zij twee contante betalingen heeft verricht: op 12 november 2019 een bedrag van € 5.472,15 en op 13 oktober 2020 een bedrag van € 16.416,45.
2.2.
[gedaagde 1] heeft bij akte aangegeven dat zij bewijs wenst te leveren door middel van een onderzoek door een handschriftdeskundige in de persoon van ing. C. Verhulst, verbonden aan het Nationaal Forensisch Onderzoeksbureau te Rijssen. Verwijzend naar de emails van 10 oktober en 12 oktober 2022 (productie 7 bij akte), stelt [gedaagde 1] dat [eiser] akkoord gaat met een dergelijk onderzoek. Voorts heeft [gedaagde 1] aangegeven dat zij zichzelf als getuige onder ede wenst te laten horen. Hoewel daarover niets in het tussenvonnis is opgenomen, is de gemachtigde van [gedaagde 1] er bijna zeker van dat zowel [gedaagde 1] als [eiser] tijdens de mondelinge behandeling ter zake van de contante betalingen een verklaring onder ede hebben afgelegd.
2.3.
De kantonrechter stelt partijen voor om, overeenkomstig het verzoek van [gedaagde 1] , de heer C. Verhulst van het Nationaal Forensisch Onderzoeksbureau te Rijssen als deskundige te benoemen en hem de volgende vragen voor te leggen:
1. Kunt u vaststellen of, en zo ja, in welke mate van waarschijnlijkheid de handtekeningen op de betalingsbewijzen van 12 november 2019 en 13 oktober 2020 afkomstig zijn van [eiser] ?
2. Kunt u beargumenteerd uiteenzetten hoe u tot uw antwoord bent gekomen?
3. Welke feiten en/of omstandigheden, die uit het onderzoek blijken, acht u verder van belang voor de beoordeling van de zaak?
2.4.
Het Nationaal Forensisch Onderzoeksbureau heeft aangegeven dat de heer Verhulst bereid en in staat is het gevraagde onderzoek uit te voeren en dat de kosten daarvoor naar verwachting € 3.599,75 inclusief btw bedragen. Het voorschot voor de kosten van de deskundige wordt vooralsnog op dit bedrag vastgesteld. Nu [gedaagde 1] het onderzoek wenst in het kader van de aan haar gegeven bewijsopdracht – verwezen wordt naar rechtsoverweging 5.4. in het tussenvonnis van 30 september 2022 – dient zij de kosten van het voorschot te dragen. Leidt het onderzoeksresultaat echter tot de conclusie dat de handtekeningen op de betalingsbewijzen afkomstig zijn van [eiser] , dan zal [eiser] in beginsel deze kosten moeten dragen.
2.5.
De kantonrechter verwijst de zaak naar de rol, teneinde partijen in de gelegenheid te stellen zich bij akte uit te laten over het vast te stellen voorschot en de aan de deskundige te stellen vragen.
2.6.
De kantonrechter is, om proceseconomische redenen, voornemens het deskundigenrapport af te wachten, alvorens over te gaan tot het horen van [gedaagde 1] als partijgetuige. [gedaagde 1] zal daarom in de gelegenheid gesteld worden om zich hierover in voornoemde akte uit te laten.
2.7.
Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

3.De beslissing

De kantonrechter
in conventie
3.1.
verwijst de zaak naar de rolzitting van vrijdag 23 december 2022, teneinde partijen in de gelegenheid te stellen zich bij akte uit te laten over het vast te stellen voorschot en de aan de deskundige te stellen vragen;
3.2.
bepaalt dat [gedaagde 1] zich in voormelde akte tevens dient uit te laten over het getuigenverhoor als bedoeld in rechtsoverweging 2.6;
3.3.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door de kantonrechter mr. R.J.J. van Acht en in het openbaar uitgesproken op