Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.[ged.conv./eis.reconv. 1] ,
[ged.conv./eis.reconv. 2],
[ged.conv./eis.reconv. 3], wonende te [plaats] ,
Rechtbank Gelderland
In deze zaak staat de uitleg en uitvoering van een erfdienstbaarheid van uitweg centraal tussen bedrijfspanden in een bedrijventerrein. Eiser, eigenaar van een bedrijfspand, maakt gebruik van een erfdienstbaarheid over het perceel van gedaagden, die op hun beurt drempels en hekwerken hebben geplaatst die het gebruik van de uitweg belemmeren.
De voorzieningenrechter stelt vast dat de erfdienstbaarheid slechts het gebruik van de weg als uitweg toestaat, zonder laden en lossen op het dienend erf. Drempels en hekwerken worden als onrechtmatige obstakels aangemerkt omdat zij het verkeer, waaronder vorkheftrucks en vrachtwagens, hinderen. De rechtbank beveelt de verwijdering van de drempels en hekwerken binnen gestelde termijnen en legt dwangsommen op.
Daarnaast wordt het gebruik van de weg door eiser beperkt tot stapvoets rijden en wordt eiser en haar personeel verboden om voertuigen te parkeren of laden en lossen op het perceel van gedaagden. Het geplaatste verkeersbord dat bezoekers van eiser zou misleiden wordt eveneens verwijderd. De proceskosten worden gecompenseerd omdat partijen deels in het gelijk zijn gesteld.
Uitkomst: Gedaagden worden veroordeeld tot verwijdering van drempels, hekwerken en verkeersbord; eiser moet erfdienstbaarheid op minst bezwarende wijze uitoefenen met beperkingen op snelheid, parkeren en laden/lossen.