Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBGEL:2023:2260

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
20 april 2023
Publicatiedatum
20 april 2023
Zaaknummer
05-180529-20
Instantie
Rechtbank Gelderland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Deels toewijzend
Procedures
  • Op tegenspraak
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 138ab Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Man vrijgesproken van bankpasfraude en veroordeeld voor bedreigingen en diefstal

De rechtbank Gelderland behandelde op 20 april 2023 de zaak tegen een 29-jarige man uit Doetinchem, die werd verdacht van meerdere strafbare feiten waaronder bankpasfraude, diefstal en bedreigingen. De man werd verdacht van het ter beschikking stellen van zijn bankrekening en pinpas aan onbekenden, wat zou hebben geleid tot computervredebreuk en het onrechtmatig verkrijgen van geld.

Uit het dossier bleek dat er bedragen van ongeveer €10.023,22 op de rekening van verdachte waren gestort, maar onvoldoende bewijs dat hij bewust zijn bankgegevens had gedeeld of wist van deze stortingen. Daarom sprak de rechtbank hem vrij van de bankpasfraude en daaraan gerelateerde feiten.

Wel werd de man veroordeeld voor een diefstal uit een supermarkt, het beledigen van een boa en andere bedreigingen. De opgelegde straf bestond uit een taakstraf van 30 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden met bijzondere voorwaarden.

De civiele vordering van de Rabobank tot schadevergoeding werd afgewezen omdat verdachte werd vrijgesproken van het ten laste gelegde feit. De rechtbank verklaarde de bank niet-ontvankelijk in haar vordering.

Het vonnis werd gewezen door drie rechters en uitgesproken in een openbare terechtzitting.

Uitkomst: Verdachte is veroordeeld voor diefstal en bedreigingen en vrijgesproken van bankpasfraude.

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND
Team strafrecht
Zittingsplaats Zutphen
Parketnummer: 05.180529.20
Datum uitspraak : 20 april 2023
Tegenspraak
vonnis van de meervoudige kamer
in de zaak van
de officier van justitie
tegen
[verdachte],
geboren op [geboortedatum] 1994 in Doetinchem,
op dit moment gedetineerd in de P.I. Zwolle.
Raadsvrouw: mr. M.G. Bischop, advocaat in Deventer.
Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 6 april 2023.

1.De inhoud van de tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:
hij op of omstreeks 13 september 2019 te Doetinchem, althans in Nederland, een computerwachtwoord, toegangscode en/of daarmee vergelijkbaar gegeven, waardoor toegang kon worden gekregen tot een (deel van een) geautomatiseerd werk heeft verkocht, verworven, verspreid en/of anderszins ter beschikking heeft gesteld en/of voorhanden heeft gehad, met het oogmerk dat daarmee een misdrijf als bedoeld in artikel 138ab, tweede of derde lid Wetboek van strafrecht werd gepleegd, door het ter beschikking stellen van zijn bankrekening(nummer) en/of bijbehorende pinpas met bijbehorende (pin)code aan een of meer onbekend gebleven personen;
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
hij op of omstreeks 13 september 2019, te Doetinchem, althans in Nederland, van een voorwerp, te weten een geldbedrag van in totaal ongeveer €10.023,22 euro, de werkelijke aard, de herkomst, de vindplaats, de vervreemding en/of de verplaatsing heeft verborgen en/of verhuld
terwijl hij wist dat dat voorwerp geheel of gedeeltelijk - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf.

2.Overwegingen ten aanzien van het bewijs

Het standpunt van de officier van justitie en de verdediging
De officier van justitie en de verdediging hebben integrale vrijspraak bepleit.
De beoordeling door de rechtbank
Uit het dossier volgt dat aangifte is gedaan van onder meer computervredebreuk met betrekking tot de bankrekeningen van [slachtoffer] en een aantal van zijn bedrijven. Er werden verschillende bedragen afgeschreven. Een bedrag van totaal € 10.023,22 kwam op de bankrekening van verdachte terecht. Het dossier bevat echter onvoldoende informatie om vast te stellen dat verdachte zijn bankrekening(nummer) en/of zijn pinpas met bijbehorende pincode ter beschikking heeft gesteld ten behoeve van deze computervredebreuk. Ook bevat het dossier onvoldoende informatie dat verdachte wetenschap had van het feit dat voormeld bedrag op zijn bankrekening is gestort. De rechtbank spreekt verdachte daarom vrij van het primair en subsidiair ten laste gelegde feit.

3.De beoordeling van de civiele vordering

De benadeelde partij de Coöperatieve Rabobank U.A. heeft in verband met het ten laste gelegde feit een vordering tot schadevergoeding ingediend. De benadeelde partij vordert € 8.229,50 aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente. Verder is om oplegging van de schadevergoedingsmaatregel verzocht.
Standpunten
De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering van de benadeelde partij moet worden afgewezen, nu zij vrijspraak heeft gevorderd.
De verdediging heeft verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk in de vordering te verklaren, omdat zij vrijspraak heeft bepleit.
Overweging van de rechtbank
Verdachte is vrijgesproken. Daarom zal de benadeelde partij niet-ontvankelijk in de vordering worden verklaard.

4.De beslissing

De rechtbank:
 spreekt verdachte vrij van het primair en subsidiair ten laste gelegde feit;
 verklaart de benadeelde partij de Coöperatieve Rabobank U.A. niet-ontvankelijk in de vordering tot materiële schade.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.M.P.T. Blokhuis (voorzitter), mr. Y.M.J.I. Baauw en mr. T.C. Henniphof, rechters, in tegenwoordigheid van mr. T.J. Schoen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 20 april 2023.
mr. T.J. Schoen is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.