Uitspraak
1.De procedure
3.Het geschil
4.De beoordeling
5.De beslissing
- een bedrag van € 8.740,22 zijnde de huurachterstand tot en met november 2022 en buitengerechtelijke incassokosten,
Rechtbank Gelderland
De Woningstichting vordert ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van de woning wegens een hoge huurachterstand van de huurder, een alleenstaande moeder en erkend slachtoffer van de toeslagenaffaire. De huurder is onder bewind gesteld en de gemeente heeft toegezegd de huurachterstand te betalen.
De kinderen van de huurder zijn uit huis geplaatst maar verblijven inmiddels weer regelmatig bij haar met het oog op terugkeer na de zomervakantie. De belangen van de kinderen, zoals beschermd door artikel 3 lid 1 van Pro het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK), wegen zwaar mee in de afweging.
De kantonrechter oordeelt dat ondanks de ernstige huurachterstand ontbinding en ontruiming niet gerechtvaardigd zijn vanwege de specifieke omstandigheden, waaronder het zicht op betaling van de achterstand en lopende huur via de bewindvoerder en de gemeente. De huurachterstand tot aan het vonnis wordt toegewezen, evenals buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten. De gevorderde ontbinding en ontruiming worden afgewezen.
Uitkomst: De ontbinding en ontruiming van de huurwoning worden afgewezen vanwege de belangen van de kinderen en het zicht op betaling van de huurschuld; de huurachterstand tot aan het vonnis wordt toegewezen.