Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.[eiser 1] ,
[eiseres 2], en
[eiser 3],
1.De procedure
- de dagvaarding met producties 1 tot en met 6
- de mondelinge behandeling van 11 april 2023.
Rechtbank Gelderland
Eisers vorderden in kort geding de waardeloosverklaring van een hypothecaire inschrijving ten behoeve van een ontbonden besloten vennootschap (de Beheermaatschappij) op een woning. De Beheermaatschappij was in 2018 ontbonden en uitgeschreven uit het handelsregister, waarna het hypotheekrecht niet werd doorgehaald. Eisers, waaronder de dochter van de voormalige eigenaar, wilden een nieuwe hypotheek vestigen, maar werden belemmerd door de bestaande inschrijving.
De rechtbank oordeelde dat eisers niet-ontvankelijk zijn voor zover zij de ontbonden vennootschap als partij hebben gedagvaard, omdat een niet-bestaande rechtspersoon geen partij kan zijn in een procedure. Wel erkende de rechtbank dat eisers als onmiddellijk belanghebbenden in de zin van artikel 3:29 lid 1 BW Pro een zelfstandig belang hebben bij waardeloosverklaring van de inschrijving.
Op basis van de administratie en jaarrekening van de Beheermaatschappij bleek dat de lening waarvoor het hypotheekrecht was gevestigd, was afgelost en dat er geen vorderingen meer bestonden. De rechtbank verklaarde daarom de hypothecaire inschrijving waardeloos en machtigde de bewaarder tot doorhaling na inschrijving van het vonnis. Eisers zagen af van hoger beroep, waardoor het vonnis direct in kracht van gewijsde kon treden.
Uitkomst: De hypothecaire inschrijving van de ontbonden vennootschap wordt waardeloos verklaard en de bewaarder gemachtigd tot doorhaling.