AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Beroep gegrond: herziening arbeidsongeschiktheidspercentage en inkomenseis WIA-uitkering
Eiser diende een aanvraag in voor een WIA-uitkering na ziekte en beëindiging van zijn dienstverband. Het UWV stelde het arbeidsongeschiktheidspercentage vast op 70,73% en kende een loongerelateerde WGA-uitkering toe. Eiser was het niet eens met deze vaststelling en voerde aan dat zijn arbeidsongeschiktheid tussen 90-95% lag, mede vanwege chronische vermoeidheid en andere gezondheidsklachten.
De rechtbank beoordeelde het medisch en arbeidskundig onderzoek, waarbij de verzekeringsarts en arbeidsdeskundige in bezwaar nieuwe rapporten opstelden. De arbeidsdeskundige selecteerde functies die op de datum in geding actueel waren, wat leidde tot een herzien arbeidsongeschiktheidspercentage van 79,34%. De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat de verzekeringsarts de diagnose CVS erkende, maar dat de beperkingen objectief medisch onvoldoende waren onderbouwd voor een hoger percentage.
De rechtbank verwierp de stellingen van bevooroordeeldheid en onjuiste loonvaststelling door het UWV. Ook werd het beroep gegrond verklaard omdat het arbeidsongeschiktheidspercentage werd verhoogd, wat een wijziging van de rechtspositie van eiser betekende. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit, herroept het primaire besluit en bepaalde dat haar uitspraak in de plaats treedt van het bestreden besluit. Tevens werd het UWV opgedragen de proceskosten en reiskosten aan eiser te vergoeden.
Uitkomst: Het arbeidsongeschiktheidspercentage wordt verhoogd van 70,73% naar 79,34%, het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit wordt vernietigd.
Voetnoten
1.WGA = Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten.
2.Artikel 12, eerste lid, onder a, van de Wet WIA in samenhang met artikel 16, eerste lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen en de artikelen 10 en 11, eerste lid, aanhef en onder j, onderdeel 1, van de Wet op de loonbelasting 1964.
3.Artikel 3:4, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
5.Zie TK 2001-2002, 28219, nr. 3, p. 15-21, 55 en 98-106; TK 2003-2004, 29529, nr. 8, p. 1-5; TK 2003-2004, 29531, nr. 8, p. 10-13; TK 2004-2005, 30238, nr. 3, p. 18-19; TK 2009-2010, 32131, nr. 3, p. 19-20.
6.Dit bedrag is op grond van artikel 1, aanhef en onder 2 en artikel 2, eerste lid onder d, van het Besluit proceskosten bestuursrecht en artikel 11, eerste lid onder d, van het Besluit tarieven in strafzaken 2003 als volgt berekend: (€ 0,28 x 71 kilometer) x 2.