Uitspraak
1.De inhoud van de tenlastelegging
Voor feit 3 heeft de officier van justitie vrijspraak verzocht.
3.De bewezenverklaring
op/in
of omstreeksde periode 27 juli 2020 tot en met 6 september 2020,
te Spijkenisse, Zevenhuizen, Oudenbosch, Mijdrecht, Capelle aan den IJssel en/of Breda, althansin Nederland,
/of€ 945,-, en
/of
€ 934,01en
/of€ 1412,01, en
/of
/of1815,- en
/of
/of
/of
en/of
en/of heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van
de verwerving ofhet voorhanden
dit goed/deze goederen
wist, althansredelijkerwijs had moeten vermoeden dat het
(een)door misdrijf verkregen goed
(eren
)betrof;
4.De kwalificatie van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van het feit
6.De strafbaarheid van de verdachte
7.De overwegingen ten aanzien van straf
€ 15.158,14. Verdachte heeft door zijn helingshandelingen andermans vermogensdelicten mogelijk gemaakt. Daarbij heeft hij door niet aan de bel te trekken gefaciliteerd dat er onrechtmatig de beschikking kon worden verkregen over die geldbedragen. De rechtbank rekent verdachte dit zwaar aan.
8.De beoordeling van de civiele vorderingen
9.De toegepaste wettelijke bepalingen
10.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
vier weken;
[Slachtoffer 1],
[Slachtoffer 5],
[Slachtoffer 3],
[Slachtoffer 4],
[Slachtoffer 2]en
[Slachtoffer 7]niet-ontvankelijk in de vordering tot materiële schade.