ECLI:NL:RBGEL:2023:3796
Rechtbank Gelderland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter-commissaris wegens vermeende vooringenomenheid
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de rechter-commissaris in zijn strafprocedure, omdat het openbaar ministerie drie ontlastende processen-verbaal, een vrijpleitend telefoongesprek en camerabeelden niet aan het dossier heeft toegevoegd. Verzoeker stelt dat de rechter-commissaris zijn taak van toezicht op voortgang en rechtmatigheid van het onderzoek niet heeft uitgevoerd, waardoor de onpartijdigheid in het geding zou zijn.
De wrakingskamer heeft het verzoek schriftelijk behandeld zonder zitting. Uit de beoordeling volgt dat alleen bijzondere omstandigheden met een zwaarwegende aanwijzing voor partijdigheid tot wraking kunnen leiden. De rechter-commissaris is slechts bevoegd om een termijn te stellen aan de officier van justitie indien deze nalaat te beslissen over het toevoegen van stukken, maar in deze zaak heeft de officier van justitie reeds een beslissing genomen.
De constatering dat de rechter-commissaris heeft gewezen op het besluit van de officier van justitie vormt geen aanwijzing voor vooringenomenheid. De wrakingskamer concludeert dat er geen objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid bestaat en wijst het wrakingsverzoek af. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter-commissaris wordt afgewezen wegens gebrek aan gegronde aanwijzingen voor vooringenomenheid.