De wrakingskamer van de rechtbank Gelderland heeft op 20 juni 2023 een wrakingsverzoek behandeld dat gericht was tegen de wrakingskamer zelf en tevens tegen alle rechters van de rechtbank en de Rechtspraak in het algemeen.
Het verzoeker stelde dat een onpartijdige behandeling van het wrakingsverzoek niet mogelijk zou zijn, maar kon geen concrete feiten of omstandigheden aandragen die de onpartijdigheid van de rechters zouden aantasten. De wrakingskamer oordeelde dat een algemeen gebrek aan vertrouwen in de rechters geen grond voor wraking vormt.
Daarnaast werd vastgesteld dat verzoeker meerdere wrakingsverzoeken had ingediend die bedoeld waren om de voortgang van de procedure te frustreren, hetgeen als misbruik van het wrakingsrecht werd aangemerkt. Daarom werd verzoeker niet-ontvankelijk verklaard en bepaald dat een volgend wrakingsverzoek in deze zaak niet meer in behandeling zal worden genomen.
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.