De moeder wenst met haar minderjarige kind, dat deels Poolse afkomst heeft, in de periode van 9 tot en met 30 juli 2023 op vakantie te gaan naar Polen om familie te bezoeken. De vader weigert toestemming te geven vanwege gemiste omgangsmomenten en eerdere reizen zonder toestemming. De ouders zijn gezamenlijk gezagdragers en het kind verblijft feitelijk bij de moeder.
De rechtbank stelt vast dat de moeder de vakantieplannen kort van tevoren aan de vader heeft kenbaar gemaakt, maar dit vormt geen reden om vervangende toestemming te weigeren. De gecertificeerde instelling (GI) adviseert compensatie voor de vader voor de gemiste omgangsmomenten. De rechtbank weegt mee dat het kind zelf ook uitkijkt naar de reis en dat het belang van het kind voorop staat.
De voorzieningenrechter verleent daarom de moeder vervangende toestemming voor de vakantie naar Polen. Het verzoek om een dwangsom te verbinden aan deze toestemming wordt afgewezen wegens het ontbreken van een wettelijke grondslag. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad.