ECLI:NL:RBGEL:2023:4498
Rechtbank Gelderland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Toekenning schadevergoeding wegens kosten rechtsbijstand na seponering strafzaak ondanks vermeende termijnoverschrijding
Verzoekster diende een verzoek tot schadevergoeding in na seponering van haar strafzaak op 14 februari 2023. Hoewel het verzoekschrift pas op 23 mei 2023 bij de griffie werd ontvangen, wat buiten de wettelijke termijn van drie maanden leek te zijn, gaf de raadkamer haar het voordeel van de twijfel.
De advocaat van verzoekster verklaarde het verzoekschrift op 11 mei 2023 via het mailsysteem Zivver te hebben ingediend, maar dit was niet ontvangen door de griffie. Gezien de bekende onbetrouwbaarheid van Zivver en het ontbreken van ontvangstbevestiging, werd aangenomen dat het verzoek toch tijdig was ingediend. Een formeel gebrek, het ontbreken van de handtekening op het oorspronkelijke verzoek, werd als herstelbaar beschouwd.
De officier van justitie stond positief tegenover het verzoek. De raadkamer besloot daarom verzoekster een vergoeding toe te kennen van €940,17 voor rechtsbijstandkosten en een forfaitaire vergoeding van €340,- voor het indienen van het verzoekschrift. De totale vergoeding van €1.280,17 wordt uit ’s Rijks kas betaald.
Uitkomst: Verzoekster krijgt een schadevergoeding van €1.280,17 toegekend ondanks vermeende termijnoverschrijding.