Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
[verzoeker] ,
Feiten
Procedure
Verzoek
Standpunt van het Openbaar Ministerie
Beoordeling
Beslissing
verklaartverzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek.
Rechtbank Gelderland
Verzoeker is op 15 augustus 2022 veroordeeld voor tweemaal mishandeling tegen zijn levensgezel en kreeg een contact- en locatieverbod opgelegd ex artikel 38v Wetboek van Strafrecht. Dit verbod geldt twee jaar en is direct uitvoerbaar met sancties bij overtreding.
Op 14 juni 2023 diende verzoeker een verzoek in tot opheffing van deze maatregel, stellende dat het contactverbod het contact met de moeder van zijn dochter belemmert, wat nadelig is voor de omgangsregeling. Het Openbaar Ministerie adviseerde afwijzing vanwege het belang van handhaving voor de veiligheid van het slachtoffer en het voorkomen van recidive, mede gezien recente overtredingen en zorgelijke gedragingen van verzoeker.
De rechtbank oordeelt dat artikel 38v Sr geen mogelijkheid biedt tot opheffing van de maatregel, slechts tot wijziging. Het nieuwe artikel 6:6:23a1 Sv maakt opheffing niet mogelijk. Daarom is het verzoek niet-ontvankelijk. Ook het verzoek tot aanhouding van de behandeling wegens persoonlijke omstandigheden wordt afgewezen omdat dit geen invloed heeft op de wettelijke grondslag.
Verzoeker kan een nieuw verzoek indienen indien hij meent dat er wel een wettelijke grondslag bestaat. De beslissing is uitgesproken door politierechter F.J.H. Hovens op 2 augustus 2023.
Uitkomst: Verzoek tot opheffing van het contact- en locatieverbod wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken wettelijke grondslag.