ECLI:NL:RBGEL:2023:5790
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken beroepsgronden in verkeersboetezaak
In deze zaak heeft een beroepsmatig handelend adviesbureau namens betrokkene beroep ingesteld tegen een verkeersboete. Ondanks een herinnering en waarschuwing door de griffier heeft het bureau geen beroepsgronden ingediend en is er niemand ter zitting verschenen. De rechtbank heeft op grond van artikel 6:5 en Pro 6:6 Awb het beroep niet-ontvankelijk verklaard vanwege het niet voldoen aan de wettelijke vereisten voor het in behandeling nemen van het beroep.
De gemachtigde is in de gelegenheid gesteld om de gronden uiterlijk 25 september 2023 in te dienen, maar heeft geen gebruik gemaakt van deze mogelijkheid. Er is geen sprake van omstandigheden die het verzuim rechtvaardigen, zodat betrokkene dit verwijt treft. Gezien het niet-ontvankelijk verklaren van het beroep is er geen aanleiding om proceskosten toe te kennen.
De kantonrechter heeft het beroep niet-ontvankelijk verklaard en het verzoek om proceskosten afgewezen. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden onder strikte voorwaarden. De uitspraak is op 4 oktober 2023 in het openbaar uitgesproken door kantonrechter F.J.H. Hovens.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van beroepsgronden en afwezigheid ter zitting.