ECLI:NL:RBGEL:2023:6446
Rechtbank Gelderland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid officier van justitie in vordering tot ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel
De officier van justitie vorderde dat de rechtbank het bedrag van het wederrechtelijk verkregen voordeel vaststelt en de veroordeelde verplicht tot betaling aan de Staat, geschat op €400.000,-. Op de zitting van 7 november 2023 kondigde de officier van justitie aan de vordering te zullen afwijzen.
Tijdens de openbare terechtzitting stelde de verdediging dat de officier van justitie niet-ontvankelijk moet worden verklaard in de vordering tot ontneming, gelet op de eerder uitgesproken niet-ontvankelijkheid in de strafvervolging en subsidiair de vrijspraak in de hoofdzaak.
De rechtbank oordeelde dat de officier van justitie inderdaad niet-ontvankelijk is in de vordering tot ontneming, omdat in de hoofdzaak reeds de officier van justitie niet-ontvankelijk was verklaard in de strafvervolging. Daarom werd de vordering tot ontneming afgewezen.
Uitkomst: De officier van justitie is niet-ontvankelijk verklaard in de vordering tot ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.