Uitspraak
1.[gedaagde 1] ,
2.
[gedaagde 2],
1.De procedure
2.De feiten
€ 20.000,00 aan de Gemeente moet betalen.
Rechtbank Gelderland
Partijen sloten in 2007 een realisatie-overeenkomst waarbij de aannemer twaalf woningen zou bouwen, waarvan een deel in het goedkopere segment volgens de KAN-normering. Bij niet-naleving was een boete van €20.000 verschuldigd. De aannemer bouwde niet, verkocht het perceel in 2020 aan een derde zonder de gemeente te informeren, waarna die derde de woningen bouwde.
In 2021 sloten partijen een vaststellingsovereenkomst waarin de aannemer akkoord ging met betaling van de boete. De aannemer stelde betaling op vanwege vermeend onrechtmatig handelen van de gemeente, die heimelijk de bouwvergunning aan de derde zou hebben verstrekt. De rechtbank oordeelt dat de bouwvergunning niet was ingetrokken en dat deze zaaksgebonden is, waardoor de gemeente geen regels heeft geschonden.
Het beroep op verjaring en op redelijkheid en billijkheid faalt, evenals het verweer van opschorting wegens tegenvordering. De aannemer wordt veroordeeld tot betaling van €20.000 plus rente en incassokosten, en tevens in de proceskosten. De vorderingen tegen de tweede gedaagde worden afgewezen wegens ontbreken wederpartij.
Uitkomst: De aannemer wordt veroordeeld tot betaling van €20.000 boete, rente en incassokosten aan de gemeente.