Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van
[eiseres] , uit [plaats 1] , eiseres
de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Almelo (verweerder).
Inleiding
Feiten
voorschot nota werkzaamheden conform afspraak d.d.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Gelderland
Eiseres verrichtte ontwikkelwerkzaamheden voor een project aan een onroerende zaak die eigendom was van een derde partij ([bv]). Zij factureerde deze partij met btw, welke btw niet werd afgedragen aan de Belastingdienst. Verweerder legde naheffingsaanslagen omzetbelasting op over 2018 en 2019, welke eiseres betwistte met het argument dat sprake was van partage, oftewel een gezamenlijke exploitatie zonder belastbare prestaties.
De rechtbank stelde vast dat eiseres als ondernemer belastbare diensten heeft verricht aan [bv] onder bezwarende titel, zoals blijkt uit de facturen en betaling daarvan. De bewijslast voor het aannemen van partage lag bij eiseres, die niet aannemelijk kon maken dat er vóór de werkzaamheden een bindende mondelinge overeenkomst was gesloten die een gezamenlijke exploitatie en winstdeling inhield.
Ook de schriftelijke overeenkomst van december 2019 en de aanvulling daarvan in maart 2020, die pas na de facturering werden gesloten, bevatten onvoldoende feitelijke afspraken over samenwerking en afrekening om van partage te kunnen spreken. De rechtbank concludeerde dat de naheffingsaanslagen terecht zijn opgelegd en verklaarde de beroepen ongegrond.
Uitkomst: De naheffingsaanslagen omzetbelasting over 2018 en 2019 zijn terecht opgelegd wegens het ontbreken van een geldige partageovereenkomst.