Uitspraak
1.Mevrouw [gedaagde 1]
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
€ 29,18
4.De beoordeling
€ 528,00(2,00 punten × € 264,00)
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Gelderland
De stichting [eiser] vordert de ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van de woning vanwege een aanzienlijke huurachterstand van meer dan zes maanden. Tevens vordert zij betaling van de huurachterstand, incassokosten en wettelijke rente.
De huurders, [gedaagde 1] en [gedaagde 2], betwisten de ontbinding niet, maar voeren aan dat de achterstand deels is ontstaan door een verkeerd berekende beslagvrije voet bij loonbeslag. [gedaagde 1] benadrukt dat zij inmiddels weer een stabiel inkomen heeft en dat ontbinding disproportioneel is vanwege haar minderjarige dochter.
De kantonrechter constateert dat de huurachterstand nog steeds fors is, maar dat de situatie is verbeterd en dat hulpverlening plaatsvindt. Gelet op de belangen van het minderjarige kind en de inspanningen van de huurder wordt de ontbinding en ontruiming afgewezen. De huurders worden wel hoofdelijk veroordeeld tot betaling van de huurachterstand en wettelijke rente, maar niet tot incassokosten wegens onvoldoende bewijs van aanmaning. De proceskosten worden aan de zijde van de eiser vastgesteld en toegewezen.
Uitkomst: De ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming worden afgewezen, maar de huurders worden veroordeeld tot betaling van de huurachterstand en proceskosten.