Partijen zijn gehuwd geweest en zijn in 2017 gescheiden. In het echtscheidingsconvenant is het gebruiksrecht van de woning aan de vrouw toegekend en het gebruiksrecht van bijgebouwen aan de man, met een verdeling van de waarde van de woning en bijgebouwen. Bij notariële levering is het gehele perceel aan de vrouw geleverd, waarbij een renteloze lening van €30.000 is overeengekomen vanwege het gebruiksrecht van de man.
De man verzocht vergoeding van schade en kosten wegens verlies van het gebruiksrecht van de bijgebouwen, omdat de vrouw hem dit recht zou hebben ontzegd. De vrouw voerde verweer dat partijen overeenstemming hadden over het vertrek van de man en dat zij aan haar verplichtingen had voldaan. Ook stelde zij verjaring.
De rechtbank oordeelde dat geen sprake was van verzuim, omdat de man de vrouw niet schriftelijk in gebreke had gesteld met termijn. Ook kon het gebruiksrecht niet los worden gezien van de verdelingsafspraken, die volledig waren nagekomen. De vordering tot vergoeding werd daarom afgewezen. De proceskosten worden ieder door eigen partij gedragen.